Teksten, pagina 1 van 3
Zomaar een hek.
Zomaar een hek. Een toevallige afscheiding van paaltjes en prikkeldraad. Toevallig, omdat niemand dieper heeft nagedacht. Een willekeurige plank is dwars over de paaltjes getimmerd. Later nog een toen bij het aantrekken van het prikkeldraad de boel scheef ging hangen. Het is een constructie geworden die het op een abstracte ets of litho uitstekend zou doen, maar niet opvalt als je er argeloos langs loopt. Pas als je er lang naar moet kijken omdat het je gehele uitzicht is vanuit de caravan op de camping waar je de tijd uitzit. Het gras tussen de paaltjes is ook maar aan komen waaien. Samen met wat klaver en wat zuring. Behalve de plekken waar de grond te zuur was. Daar groeit nu stalkruid. Een achteloze berm die bestaat omdat de koeien er niet bij kunnen. Echt leven naar menselijke maatstaf, doet het niet. Dan moet er iets veranderen terwijl je kijkt.
De drie doden en de drie levenden
roman, 1994, Cigale.